Home Nieuws Amerikaanse academicus: Geen bewijs voor Armeense ‘genocide’

Amerikaanse academicus: Geen bewijs voor Armeense ‘genocide’

Er zijn geen documenten die bewijzen dat het doden van Armeniërs in 1915 officieel beleid was van het Ottomaanse Rijk.

Dat zei de Amerikaanse academicus Michael Gunter van de Tennessee Tech University tijdens een toespraak.

President Joe Biden gaat als eerste Amerikaanse leider de moord op 1,5 miljoen Armeniërs ruim een eeuw geleden erkennen als genocide. Hij tart hiermee NAVO-bondgenoot Turkije, melden Amerikaanse media. De regering in Ankara stelt dat er Armeense slachtoffers waren tijdens de Eerste Wereldoorlog in het toenmalige Ottomaanse Rijk, maar dat het geen volkenmoord was.

Bekende documenten die in 1919 door de Armeense auteur Aram Andonian zijn gepubliceerd om de ‘opzettelijke bloedbaden te bewijzen’, zijn verzinsels, legde Gunter uit.

Na onderzoek te hebben gedaan naar de gebeurtenissen in 1915, zei Gunter dat Armeense beweringen een groter publiek aantrokken omdat christelijke Armeniërs “meer sympathie kregen in het christelijke Westen”.

“Turkse moslims waren ook historische vijanden van het Westen. Omdat Armeniërs de westerse talen beter spraken dan Turken, waren ze in staat om hun boodschappen beter over te brengen aan het Westen”, benadrukte Gunter, hoogleraar sociologie en politicologie.

De Amerikaanse academicus hoopt dat er een academische dialoog in de VS komt tussen voorstanders van de Turkse en de Armeense stellingen en wees erop dat Turkse Amerikanen daartoe bereid zouden zijn. “Armeense Amerikanen doen daar niet aan mee.”

Gunter benadrukte dat veel Armeniërs in de westelijke delen van het Ottomaanse rijk niet waren gedeporteerd. “Sommige Armeniërs vermoordden al decennia lang ononderbroken onschuldige moslims.”

Om de gebeurtenissen door internationaal recht als ‘genocide’ te bestempelen, moet sprake zijn van een planning of voorbedachte rade, welke bewezen moeten worden. “En op dat punt is er geen bewijs”, aldus Gunter.

Standpunt Turkije

Het standpunt van Turkije over de gebeurtenissen in 1915 is dat de dood van Armeniërs in Oost-Anatolië plaatsvond toen sommigen van hen de kant van binnenvallende Russen kozen. Ze kwamen daarna in opstand tegen Ottomaanse troepen. Een daaropvolgende verplaatsing van Armeniërs resulteerde in tal van slachtoffers.

Turkije ziet de gebeurtenissen niet als “genocide” en beschrijft het als “een tragedie waarbij beide partijen slachtoffers leden”.

Ankara heeft herhaaldelijk de oprichting van een gezamenlijke commissie van historici uit Turkije en Armenië en internationale experts voorgesteld om het probleem aan te pakken. Armenië werkt daar niet aan mee en weigert diens archieven open te stellen, terwijl Turkije alle beschikbare informatie vrijgeeft.

Armeense lobby

Volgens deskundigen ziet de Armeense lobby de ‘genocide-industrie’ als een bron van inkomst.

AVIM

De Franse onderzoeker Maxime Gauin van de Eurasian Studies Center (AVIM) zei eerder tegen een nieuwsdienst: “Turkije heeft zijn uiterste best gedaan om de betrekkingen met Armenië te normaliseren. Nu is het tijd dat de Armeense regering iets doet. Ik ben van mening dat de Armeense regering niet wil dat de betrekkingen normaliseren. De Armeense president Serzj Sarkisian heeft het vaker over stukken grondgebied dat ze van Turkije vragen. Armenië gebruikt het (genocide)onderwerp als dekmantel.”

“Telkens als ik Armeense archieven in de VS of Frankrijk wil raadplegen, krijg ik geen antwoord of nog erger: krijg te horen dat het niet mogelijk zou zijn. Met een dergelijk probleem hebben we niet te maken bij de Turkse archieven. Die zijn gemakkelijk in te zien en raad te plegen wanneer men dat wil”, aldus de Franse onderzoeker.